De overheidsopdracht betreft tegelijk een voorwerp – de kunst die zijn grenzen overschrijdt en tegemoet komt aan de mensen die in zijn omgeving leven – en een werkwijze die zich onderscheidt door verschillende fasen, van het initiatief van de opdrachtgever tot de verwezenlijking van het werk en de oplevering door het publiek. Vroeger was meestal sprake van een autoritaire, soms willekeurige, keuze van hogerop, maar vandaag vindt de opdracht steeds meer plaats in samenspraak en met respect voor de artistieke projecten, om te komen tot een populaire en commemoratieve ontwikkeling in de loop van de XIXde eeuw, de eeuw van de «beeldmanie». Vanaf de jaren 30 kan men dan weer spreken van een eigen autonomie.

1982, oprichting van het fonds voor de overheidsopdracht.

Met de oprichting van het nationaal centrum voor plastische kunsten, wordt de overheidsopdracht een heuse aankoopmacht, beheerd door het bureau van de overheidsopdracht.

Met het oog op de deelname van de kunstenaars in de stedelijke ruimte en om een beleid van opdrachten ten gunste van de plaatselijke gemeenschappen te bevoorrechten, voert de staat tijdens dit decennium belangrijke projecten in. De balans is in deze periode beslist positief en een aantal grote successen dienen vandaag als referentie (Buren, Dubuffet, Kosuth, Soulages...).

Vanaf 1990, het dynamisme van de plaatselijke gemeenschappen.

Naast de verrijking van het artistiek erfgoed, de vernieuwing van de creatie en de verwezenlijking van utopische en nooit eerder geziene projecten, heeft deze impuls uitgaande van de Staat in de jaren 1980 heel wat gemeenten de mogelijkheid gegeven om op hun beurt programma’s van overheidsopdrachten op te zetten.

Voor Nord-Pas-de-Calais, vermelden we een aantal verwezenlijkingen: Richard Deacon (Park van het museum voor modern kunsten van Villeneuve d’Ascq), Gaetano Pesce (Museum voor schone kunsten van Rijssel), Ingo Maurer (Archives du Monde du Travail – Roubaix of Robaais), Daniel Buren (kruisgang van Musée de la Chartreuse – Douai of Dowaai)...

Voor meer informatie, raadpleeg de internetsite van de overheidsopdracht
wettelijke vermeldingen / contact
 
1997, beslissing tot opening van de campagne voor de vernieuwing van het koor.

2000,
eerste bezoek van Anthony Caro in Bourbourg.

2001,
invoering van een doopvont door de Diocese van Rijssel,de kunstenaar krijgt een studiecontract.

2002, werken voor de vernieuwing van het koor; Sivom de l’Aa is bouwheer en het project wordt voorgelegd aan de Nationale Commissie van de Overheidsopdracht.

2003, het project wordt voorgelegd aan de Superieure Nationale Commissie van de Historische Monumenten.

2006, ondertekening van het contract tussen Sivom de l’Aa, de bouwheer en de kunstenaar.

2008,
realisatie van de fijne ondergrond van de werf voor de vestiging van het werk.

Inhuldiging op 11 oktober